Satisficing versterkt autonormativiteit

In de New York Times een bijdrage van een voormalige ‘maximiser‘. Iemand die de perfecte keuze wil maken en veel tijd spendeerde aan het verzamelen van informatie om dat te bereiken.

Beter niet. Herbert Simon kwam met het portmonteau satisfice als samentrekking van satisfy en suffice. Het voldoet en is bevredigend. Stop met verder zoeken.

Maar als het gaat om de vervoerskeuze zal de auto-industrie en handlangers er alles aan doen om bij de keuze voor de auto uit te komen. Het voldoet en is bevredigend. Ervoor kiezen om geen auto te bezitten is dat alleen in omstandigheden waarin je je dat kan veroorloven. Of domweg omdat je je geen auto kan veroorloven.

Als je eenmaal ervoor hebt gekozen om geen auto te bezitten moet je vaak keuzes maken hoe je reist. Als je een maximiser bent kan je veel tijd spenderen aan het puzzelen met dienstregelingen en dat compliceren door te vergelijken met de kosten van een auto huren.

Maar met satificing als keuzestrategie kom je doorgaans uit op het nemen van de fiets naar een NS-station. Is er geen station bij de bestemming dan een ov-fiets voor het laatste stuk. Als het te ver is om te fietsen vanaf het station een bus. Eventueel een taxi. Of als het gaat om een afspraak op een industrieterrein ofzo een GreenWheels van het station en weer terug.

Het gaat erom dat beleidsmakers bewust de omgeving zo inrichten dat je met satisfycing het aanschaffen van een auto uitstelt. Zoals een student die een ov-studentenkaart heeft. Die zal geen auto aanschaffen, behalve in Zeeland en dergelijke waar je al snel ver van een goede ov-verbinding woont. Af die ideologisch gemotiveerde die geen auto aanschaft omdat het zo vervuilend is.

Autovrij: James Bond en olifantenpaadjes

Mijn rolmodel als het gaat over mobiliteit is toch wel James Bond. Hij is meester in het overschakelen tussen modaliteiten, hij springt van een rijdende trein op een sneeuwscooter. Zijn missie is belangrijker dan de lak van zijn Aston Martin of 2CV. Daar denk ik dan aan als ik vanuit Amsterdam op station Laan van NOI in een GreenWheels spring om naar een kantorenterrein iets voorbij Zoetermeer te rijden.

De klantenservice van MyWheels is het equivalent van Q. Ze leggen mij geduldig uit hoe al die gadgets werken in het allernieuwste model dat ik bij ze mag huren.

Ook voel ik me vaak een autorecensent zoals Bas van Putten die steeds weer nieuwe pogingen van de auto-industrie om met iets goeds te komen vergelijkt met de Volvo 740 als ideaal. Overigens vond ik het verschil met toen hij de fiets pakte opmerkelijk. Hij schreef ontroerende jeugdherinneringen omdat er over de fiets niet zoveel te schrijven is. Zoals de provo’s in 1965 al zeiden. “Een fiets is iets, maar bijna niets.

Olifantenpaadjes

Terwijl ik me verplaats ben ik me ervan bewust dat ik ‘olifantenpaadjes‘ maak. Of dat nu met de trein naar Griekenland is of te voet in de Jordaan. Enerzijds omdat ik me een weg baan door onbegaanbaar terrein, anderzijds omdat anderen dat pad dan kunnen volgen. Zo wordt het pad steeds breder en makkelijker te gebruiken. Een bus midden op de dag wordt mogelijk net niet wegbezuinigd omdat ik geteld werd als passagier.

De zelfopgelegde beperking is dat ik het doe zonder een auto te bezitten. Dat bespaart geld en geeft vrijheid. Soms is de kortste weg dan wel om een auto te huren, maar in veel gevallen doe ik dat niet omdat ik een goedkopere route met het ov weet en ik ondertussen kan werken. Net zoals de energie bij een elektrische of hibride auto bij het remmen terug gaat naar de batterij, zo gaat ov-tijd bij mij ook niet verloren. Er zijn teksten die ik tòch vroeg of laat gelezen of geschreven moet hebben, maar in de auto kan dat niet.