Laat grote bedrijven meebetalen aan het openbaar vervoer

Amsterdam en andere grote steden hebben geld nodig voor de openbaar vervoer-infrastructuur. Den Haag gunt dat traditiegetrouw niet, te weinig of te laat omdat alle gemeenten in het land ook recht hebben op een beetje. Daarom moet de Gemeentewet veranderen zodat de grote bedrijven in grote steden, net als in Île-de-France, bij kunnen dragen aan het openbaar vervoer. Daar wordt namelijk dat mooie metronet in Parijs en omgeving grotendeels mee gefinancierd.  Vertaald naar de Amsterdamse situatie zou dat zo’n 700 miljoen per jaar op kunnen leveren, terwijl de vervoerskosten in 2020 hier zo’n 500 miljoen bedroegen. 

Steden zijn dan wel heel aantrekkelijk voor grote bedrijven maar de hoge bevolkingsdichtheid maakt het ook complexer – en dus duurder – om infrastructuur aan te leggen. Waar men in een landelijk gebied genoeg heeft aan het asfalteren van een stuk weiland voor een tweebaansweg met een fietspad ernaast is dat in de stad niet genoeg. Om grote massa’s mensen te vervoeren organiseer je als overheid dat steeds dezelfde cabines op en neer rijden, varen of zweven met heel veel verschillende mensen. Privévervoer schiet tekort. Er zit zelfs een limiet aan wat de fiets kan oplossen, zelfs als meer forensen eindelijk de auto voor een (elektrische) fiets omruilen. Prettige grote steden functioneren niet zonder goed openbaar vervoer.

Belastinginkomsten van burgers inzetten om het openbaar vervoer in de stad te verbeteren is niet iets waar je electoraal mee scoort, in ieder geval niet als VVD. Het vergt een abstractielaag teveel om duidelijk te maken dat ook de automobilist die in suburbia woont beter af is met meer openbaar vervoer. Dan kunnen andere automobilisten immers de auto laten staan om goedkoper en prettiger op hun bestemming te komen met het openbaar vervoer en dat geeft ruimte op de weg. Openbaar vervoer is geen linkse hobby maar bittere noodzaak. Omdat dit nooit populair wordt bij het electoraat is het beter om de grote bedrijven in de grote steden een extra belasting op te leggen. Als een belasting doelgericht is kan die lokaal geheven worden, denk aan de toeristenbelasting, de precariobelasting, de vermakelijkhedenretributie en dergelijke die in de Gemeentewet beschreven staan.

Natuurlijk gaat het niet om het belasten van het midden- en kleinbedrijf. Die zijn al een ’sitting duck’, ze kunnen praktisch niet verkassen. Het gaat eerder om de grote multinationals die Amsterdam uitkiezen uit vele alternatieven in Europa of de wereld. Het ‘fiscaal gunstige klimaat’ verandert niet fundamenteel als de lokale overheid komt aankloppen om een heel klein lokale belasting te heffen. Amsterdam blijft ook met zo’n belasting nog steeds aantrekkelijk dankzij de hoog opgeleide talenten die hier graag willen wonen. Dat kost een klein beetje, maar nu kunnen bedrijven daar niet aan bijdragen. 

Teken de bijbehorende petitie ovbelastingbedrijven.petities.nl

Good reads about the Russians and Putin

To get a grip on reality I also read many of the pieces about Russia and Putin. Few pieces actually stand out. First there is this interview (in Dutch) in Knack with Russia analyst Tatjana Stanovaja, from France.

Putin thinks in systems. Russia as a system is pretty much finished, a job well done. The state functions, with pensions being paid, entrepreneurs can start and do their business, the economy is strong, financially way more stable than in the nineties. Some minor problems, but overall he achieved big successes for which all the Russians should be thankful and celebrate him as a leader.

Europe is geopolitically irrelevant and just an agent of the US. It is annoying that European countries take the side of the US. They have become irrational, weak and inpredictable. If only Europe was sovereign it would inevitably cooperate with Russia and not the US.

After Putin it will get worse rather than better. He is more moderate than the political mainstream. The fall of the Sovjet Union is still a major geopolitical trauma in Russia. Russians are convinced that the West is out to destroy Russia, the victim of history. The West neglected Russia the past three decades and did not act on such signals. Russia might very well become more aggressive.

Putin thinks in terms of intentions of other actors, not what actually happened. Which is after all only a version of reality. The west potentially could have been financing Navalny, potentially Ukraine could join NATO, all that is what matters.

There is a lot more good stuff in the interview.

Then about the Russians. Why are they so passive, how can they let all this pass? The Dutch writer Emma Bruns digs into her personal memories about her dealings with Russians. Some hilarious stuff (also in Dutch), which is probably also what makes others fascinated about Russia, like the founder of the Moscow Times Derk Sauer who becomes homesick for Moscow after four months in exile in the Netherlands, melancholy, ‘toska‘.

Along the way in her reflections Bruns mentions satirical writer Zinovjev and his fake autobiography Homo Sovieticus. Which got an entry in Wikipedia. In that entry there is a summarising quote from a certain Maria Domańska:

The “Soviet man” is characterised by his tendency to follow the authority of the state in its assessment of reality, to adopt an attitude of mistrust and anxiety towards anything foreign and unknown, and is convinced of his own powerlessness and inability to affect the surrounding reality; from here, it is only a step towards lacking any sense of responsibility for that reality. His suppressed aggression, birthed by his chronic dissatisfaction with life, his intense sense of injustice and his inability to achieve self-realisation, and his great envy, all erupt into a fascination with force and violence, as well as a tendency towards “negative identification” – in opposition to “the enemy” or “the foreigner”. Such a personality suits a quasi-tribal approach to standards of morality and law (the things “our people” have a right to do are condemned in the “foreigner”).

When you read this, a report in The Guardian how “the Muscovites put the war aside and enjoy summer” does not come as a suprise at all.

Another good article in De Groene Amsterdammer sums up the extreme violence in the Russian society which has a long history.

And another article in De Groene Amsterdammer how Putin needed this war, how this is extremely dangerous for everyone. Putin and his KGB-friends continue only until they are stopped. Although there is a divide between generations, but also within both Russia and (East) Ukraine. Those who are nostalgic about the soviet era versus the ones who want freedom.

In English, the Economist wrote on 29 July 2022: A dark state.

Vladimir Putin is in thrall to a distinctive brand of Russian fascism. That is why his country is such a threat to Ukraine, the West and his own people

These sources together are internally coherent and are externally coherent with what we know from history and the news. All this together validates this version of reality as something we can use well to understand it.

Burgerlobbyist

Brief in de Volkskrant, gepubliceerd op 15 juli 2022, in de krant van zaterdag 16 juli 2022.

Lobby is ondemocratisch, schreef Ludo Grégoire hier op 12 juli. Dat is het nu misschien vaak, maar niet per definitie. Er is allerlei lobby gaande, niet alleen door Uber en dergelijke multinationals, maar ook door bijvoorbeeld gemeenten, provincies en maatschappelijke organisaties. Zo werken er nu ook al lobbyisten namens u, als burger. 

Typisch is wel dat lobbyisten uiteindelijk een factuur willen versturen. Hun uren, inzichten en netwerk hebben ook echt toegevoegde waarde. Het is in theorie wel mogelijk om dat werk zelf te doen als burger met een petitie, maar het kost je gruwelijk veel tijd en leergeld als je voorstel niet direct wordt opgepakt door een Kamerlid. Organisaties kunnen facturen beter betalen dan een groepje burgers. Maar burgers (en hun lobbyisten) hebben weer vaker argumenten waar Kamerleden wat mee kunnen.

Zoek daarom als burger met een petitie die aanslaat zelf contact met een lobbyist, bijvoorbeeld een bestaande maatschappelijke organisatie met eigen of ingehuurde lobbyisten. Belangrijke regel voor iedereen is om kleine beetjes geld aan organisaties met goede doelstellingen te doneren, daar kunnen ze hun lobby van betalen.  

Reinder Rustema

Eindredacteur Petities.nl

Opinie: ‘In een apolitiek kabinet is de ministersploeg geen duistere grot, maar een transparant managementteam’

Veel opties zijn al besproken in de formatie. Wordt het geen tijd om voorbij de partijen te kijken? Reinder Rustema en Stefan de Vries pleiten voor een apolitieke regering.

Reinder Rustema en Stefan de Vries 6 oktober 2021, 13:20 (in Het Parool)

Na ruim zes maanden welles-nietesspelletjes, afkeuringsmoties en zeven versleten verkenners en informateurs, is de Haagse coalitiezoektocht dermate burlesk geworden, dat zelfs een voortzetting van het oude kliekje Rutte 3 een ‘doorbraak’ heet. En dat terwijl een echt radicale oplossing ook mogelijk is: geen Rutte 4, geen extraparlementair kabinet, noch nieuwe verkiezingen, maar een apolitiek kabinet. Oftewel, een regering met ministers zonder politieke banden, waar kennis hebben belangrijker is dan het hebben van kennissen.

Tot nu toe vormen een paar politieke partijen met de meerderheid in de Tweede, en liefst ook in de Eerste Kamer, de regering. Zij leggen hun compromissen vast in een regeerakkoord, waarmee zij elkaar jarenlang in de tang hopen te houden. De coalitieleden nemen hun ‘verantwoordelijkheid’, zoals dat dan heet, en kiezen vervolgens via een ondoorgrondelijk en soms cliëntelistisch mechanisme de bewindslieden. De rest mag in de oppositie.

Partijbanden doorgeknipt

Met een apolitiek kabinet kan aan die praktijken een hoognodig einde komen. Daarbij zijn de partijbanden tussen ministers en volksvertegenwoordiging juist doorgeknipt. Niet de partijleiders schuiven hun kandidaten naar voren, maar iedereen in het land kan voortaan mensen nomineren. Het parlement maakt een eerste selectie, waarna het de kandidaten in een openbare hoorzitting aan de tand voelt. Een publiekelijk sollicitatiegesprek, naar het voorbeeld van de kandidaat-Eurocommissarissen in Brussel.

In een apolitiek kabinet verandert de ministersploeg van een duistere grot in een transparant managementteam. De ministers doen nog steeds voorstellen, adviseren fracties en sturen ambtenaren aan. Maar zij hoeven zich niet meer mee te laten sleuren door de waan van de dag of door de carrière binnen de eigen partij. De Kamers houden het laatste woord. Zo krijgt de Tweede Kamer meer macht – een belangrijke stap naar het verkleinen van de kloof tussen politiek en burgers.

Politieke partijen kunnen zich nu profileren met een kleurrijke minister of premier. Die kans valt weg, maar daarvoor in de plaats komt dat alle partijen kunnen meedoen met het landsbestuur. Inderdaad, voor ieder wetsvoorstel zal een meerderheid in de Kamer gevonden moeten worden, die iedere keer langs andere partijlijnen loopt. Dat kost soms meer tijd dan nu, maar het betekent ook dat ‘protestpartijen’ kunnen meebesturen. Hun argument dat zij door het al dan niet imaginaire partijkartel worden uitgesloten kan daarmee in de prullenbak. Zij moeten ideologisch kleur bekennen om zich te onderscheiden. Het volstaat niet langer om het oneens te zijn met de rest.

Tussentijdse verkiezingen niet nodig

Sinds zelfs bestuurderspartijen moties van afkeuring tegen elkaar steunen, is het duidelijk dat ook meerderheidscoalities geen garantie meer zijn voor stabiliteit. Een apolitiek kabinet is dat juist wel. Bij falen vervangt de Tweede Kamer de verantwoordelijke minister simpelweg door een andere kandidaat. Mocht de kiezer dit falen de Kamer aanrekenen, dan kan hij of zij iedere vier jaar zijn mening laten blijken in de stembus. Tussentijdse verkiezingen, zoals deze eeuw de norm zijn geworden, zijn niet meer nodig.

Een van de unieke en mooie aspecten van de regering in Nederland is dat er niemand de baas is. De minister-president is ‘slechts’ de primus inter pares. In tegenstelling tot veel andere landen, bestaat hier geen hiërarchie tussen ministers. Althans, in theorie. In de praktijk heeft de premier, een rol die pas sinds 1983 in de Grondwet is opgenomen, de laatste jaren juist steeds meer macht naar zich toe getrokken, ten koste van het nu zo verlangde dualisme.

Onnodig, aangezien iedere minister premier kan zijn. In een apolitiek kabinet zou ieder kwartaal een ander de rol van voorzitter op zich kunnen nemen. Wanneer die post rouleert, kan de premier niet meer vastkleven aan het pluche, en daarmee een positie verwerven die eigenlijk niet past bij het Nederlandse staatsbestel. Daar is niet meer dan een pennenstreek onder een Koninklijk Besluit voor nodig (art. 43 Grondwet). In Zwitserland werkt een soortgelijk systeem prima.

Geen zakenkabinet of technocratie

Overigens is een apolitiek kabinet niet hetzelfde als een zakenkabinet. Het is evenmin een bestuur van technocraten. Bij een apolitiek kabinet zijn de vakministers belast met de uitvoering van het mandaat dat zij van de Tweede Kamer krijgen, en niet met de verwezenlijking van hun eigen politieke agenda.

De huidige (demissionaire) bewindslieden hebben een indrukwekkende staat van dienst van door hen zelf toegegeven gejok, gekibbel en geflater. Zij zijn misschien behendige politici, maar duidelijk ongeschikt als landsbestuurders. De huidige formatie-impasse is een uitgelezen moment om uit deze crisis iets moois te laten komen. Dus een oproep aan de volksvertegenwoordigers: wilt u echt een radicaal andere bestuurscultuur, stuur dan uw informateur en uw fractieleiders vandaag nog met vakantie en begin direct met de samenstelling van een apolitiek kabinet. Er zijn geen staatsrechtelijke belemmeringen. Uw wil is letterlijk wet.

Reinder Rustema is eindredacteur van Petities.nl. 
Stefan de Vries is journalist voor BNR Nieuwsradio en Les Echos.

Wegenwacht van ANWB heeft een privilege

Geplaatst in NRC, 1 september 201 als De ANWB is behalve een wegenwacht ook een lobbyclub

Geachte redactie, 

De krant plaatste een lange advertorial voor de ANWB in de vorm van een prettig te lezen human interest verhaal over ‘drukte voor de ANWB’. Als ervoor betaald zou zijn en het er tussen haakjes boven stond zou het nog te accepteren zijn. Ik vrees dat de krant zich heeft laten misbruiken door de PR-machine van deze vroemvroem-organisatie. Want het is dankzij het onrechtvaardige monopolie op hulp langs de snelweg dat deze ‘vereniging’ zo groot en machtig blijft. Concurrenten moeten de auto met pech op de snelweg eerst naar een parkeerplaats slepen. VVD-vrinden in de regering maken hier geen probleem van, ondanks het geloof in de vrije markt.

Massa’s mensen zijn alleen ANWB-lid voor de, overigens uitstekende, wegenwacht. De alternatieven voor de wegenwacht komen er nauwelijks tussen. Dit lijkt triviaal, maar de ANWB is tegelijk ook een grote vroemvroemlobby ‘in het belang van de leden’. Alleen wat dat is komt niet democratisch tot stand. Het zou ook een enorme ledendemocratie vergen waar de vakbonden bij in de schaduw passen. Met je wegenwachtabonnement ondersteun je zo ongemerkt een massieve steunpilaar van de vroemvroemlobby. Natuur-, milieu-, voetgangers-, en fietsersorganisaties krijgen een dergelijk privilege niet cadeau van de wetgever. 

Het Grote Formatiespel

Na de verkenner komt de formateur. Maar wat gebeurt daar achter gesloten deuren? Als voorvechters van transparantie in de democratie hebben we dit vorig jaar onderzocht. Ons uitgangspunt was dat wij dit transparant konden maken door een gezelschapsspel te ontwerpen waarbij je al doende zou begrijpen wat hier gebeurt. Ondertussen zouden we ook meer burgers spelenderwijs de politiek kunnen laten begrijpen.

Het Grote Formatiespel ligt niet in de winkels.

Een serieus spel voor de gamemaster

Wel reageerde iedereen direct enthousiast op onze interviewverzoeken. Voormalig verkenner, formateur, vice-premier én minister Gerrit Zalm was gelijk enthousiast omdat hij, weliswaar onder pseudoniem, een fervent topspeler is in online strategiespelen. Ook tijdens verloren momenten in zijn topposities opende hij graag even het spel op zijn computerscherm vertelde hij opgetogen. Aan ons om dit spelplezier te vertalen naar het formatieproces dachten wij optimistisch.

De typerende bulderlach en de spitsvondige grappen van Zalm waren cruciaal voor de rol van deze ‘gamemaster’ beseften we ons terwijl zijn kleinzoon als bij toverslag tot rust kwam bij opa op schoot. Waarom slaagde deze ‘homo ludens’ wel waar zijn voorgangers in exact hetzelfde spel faalden? De formatie is geen kinderachtig spelletje, het is een bloedserieus stadium bij het verdelen van de macht in dit land.

We besloten zijn rol zo goed mogelijk met ’spelregels’ te beschrijven. Later bevestigde een expert in onderhandelen ons daarin tot in detail. Het bleek dat Zalm als topspeler handelde op basis van de door de Harvard-school geformuleerde principes van onderhandelen. Simpel gezegd, als je iets wil bereiken, doe het tegenovergestelde van wat Trump doet. De beslotenheid van een formatie, het realiseren van wederzijds vertrouwen is cruciaal. Die ontstaat alleen in een goede sfeer binnenskamers.

Voor diplomaten en niet voor populisten

De onderhandel-discipline aan Harvard ontstond vanuit het ambacht van de diplomatiek na de Tweede Wereldoorlog. In een minicollege werden wij als naïeve buitenstaanders deelgenoot gemaakt van een praktijk die Trump waarschijnlijk de ‘deep state’ zou noemen; mensen die elkaar vertrouwen. In de coalities in Nederland voornamelijk mannen die elkaar vertrouwen. Die vier mannen in onderhandeling krijgen af en toe een glas whiskey van Zalm of hij gaat met ze afzonderlijk buiten een sigaretje roken om in vertrouwen te horen wat ieders resterende pijnpunten zijn. De diplomatieke wereld is voor mevrouw Kaag wèl een vertrouwde omgeving, dat is een groot voordeel. Ook de Europeanen van Volt hebben hier per definitie ervaring mee; vorm en inhoud valt bij ze samen wat dit betreft.

De ‘getuigenispartijen’ diskwalificeren zichzelf volgens Zalm, en daar zijn er nu nota bene meer van bijgekomen in de Tweede Kamer. Partijen die voornamelijk bezig zijn om hun posities te etaleren. De grootte van de partij is geen probleem bij coalitievorming, zoals ook de ChristenUnie al bewees. Het is de mogelijkheid en intentie om elkaar te kunnen vertrouwen. Exact de splijtzwam tussen Baudet c.s. en Nanninga c.s. Wantrouwen lijkt zelfs de basis van de PVV. De fractieleden kunnen elkaar nog niet eens vertrouwen, laat staan dat er een achterban is met hiërarchisch gelaagd vertrouwen naar de top toe. Een leider moet een solide vertrouwen genieten van de achterban, anders wordt het moeilijk onderhandelen.

Posities okay, maar het gaat om de belangen

We stonden na ons interview bij Zalm in Scheveningen met lege handen op de tram te wachten. Al onze ambities over meer transparantie en dialoog waren op straat in scherven gevallen. Ja, het is wel goed om tijdens de campagne zoveel mogelijk de posities te weten te komen van je toekomstige coalitiepartners, daar zijn de debatten wel nuttig voor. De leiders van een partij krijgen van hun achterban mee hoeveel ruimte ze krijgen om te onderhandelen en wat ze belangrijk moeten vinden. Het Wilhelmus zingen op school? Zoiets is een goudgerand fiche op de speeltafel. Waardevol voor de achterban, maar te goedkoop om terug te vinden in de overheidsfinanciën. Zalm had op eigen houtje (met een vertrouwde kennis) als ex-minister van Financiën al zelf een spreadsheet gemaakt op basis van de verkiezingsprogramma’s. Die hield hij altijd in het achterhoofd bij elke extra stap. De echt belangrijke knelpunten bewaar je voor het laatst, als je over het meeste al een oplossing hebt weten te vinden en het vertrouwen al gegroeid is. Zo is het niet gek dat de medisch-ethische kwesties tijdens Rutte 3 geparkeerd werden voor later. Dat lost zich later op of niet, maar ondertussen kan je verder.

Om de ander goed te begrijpen in de onderhandeling is het essentieel om een verschil te maken tussen posities en belangen. De posities worden ingenomen in een debat en aangescherpt door de uitwisseling van argumenten. Maar tijdens de onderhandelingen is het argumenteren taboe. Je moet op zoek gaan naar de onderliggende belangen van de posities. De belangen van de ander zijn vaak goed te combineren met die van jou en je achterban. Met creativiteit kan je samen een oplossing vinden die dat mogelijk maakt, dat mag gerust complex zijn.

Complexiteit zijn de bouwstenen van onderhandelen

Hoe complexer de oplossingen, hoe beter dat ook is voor een onderhandeling. In de ons vertrouwde computertermen zijn dat geneste, gelaagde, als-dan-constructies. Daar zijn diplomaten en een speler zoals Zalm verzot op. Ook daar hebben de getuigenispartijen een probleem, ze houden niet van condities tussen haakjes. Ze willen alles en ze willen het nu. Ze willen wel graag, zichtbaar voor de achterban, in debat, maar ontlopen onderhandelingen. Ze willen winnen, terwijl het doel juist in een onderhandeling moet zijn om te zorgen dat de ander niet verliest; iedereen moet winnen. Goede onderhandelingen zijn dan ook gebaseerd op consensus. Concessies zijn de uitzondering op de regel omdat dit betekent dat er verliezers zijn. Daardoor kunnen de onderhandelingen mislukken omdat iemand die zich bekocht voelt de ander niet meer vertrouwt.

Een snelle formatie is nu moeilijk omdat de huidige spelers elkaar (nog) niet (meer) vertrouwen. Meer dan vier partijen zullen het niet snel worden, want dan kom je er moeilijker uit. Elke extra deelnemer verveelvoudigt het aantal mogelijke combinaties van voorwaarden. Complex is het al, maar dan wordt het helemaal complex. Een regeerakkoord op hoofdlijnen blijft dan ook lastig. Dat er een uitgeschreven en ondertekend akkoord komt staat in ieder geval wel vast. Want tijdens onderhandelingen geldt dat “niets is overeengekomen, totdat alles is overeengekomen.” Alles is vertrouwelijk, totdat de uitkomst van de onderhandelingen is ondertekend. De roep om transparantie is dus ook niet te verenigen met de onderhandelingen.

En waar moeten wij, journalisten en de burgers thuis nou naartoe met ons verlangen naar transparantie en openheid? Helaas rest ons alleen het genoegen van de leerzame reconstructie achteraf. Hoe is het dit keer gelukt om iedereen te laten winnen? Hoe steekt het complexe stelsel van condities in elkaar om dit te bereiken? Dit begrijpen vergroot het draagvlak voor de coalitie en onze democratie.

Uiteindelijk is een pagina met spelregels het spel geworden waar iedereen zich in kan bekwamen om succesvol te zijn in het leven. Altijd en overal kan je het spelen: op reis, in zaken, op school, in een vereniging, overal waar belangen zijn te ontdekken in posities.

Hoe kan je transparantie en onderhandelen beter combineren? Daar heb ik sinds 2006 al een ander idee over uitgewerkt op een speciale blog laatbestuurdersbesturen.rustema.nl

Spelregels voor succesvolle onderhandelingen

In een democratische cultuur, zoals wij die in Nederland hebben, onderhandelt iedereen dagelijks. Met een werkgever, een partner, collega’s, buren, vrienden, familie etc.

In publieke kwesties gaat het echter te vaak om een debat. Voorstanders en tegenstanders staan vaak lijnrecht tegenover elkaar met stevige posities. Ga je op zoek naar de onderliggende belangen, dan zul je erachter komen dat je veel gemeenschappelijk hebt en er samen uit kunt komen. Dan luister je in een dialoog naar elkaars belangen en bedenk je creatieve oplossingen om het eens te worden. Gebruik deze spelregels voor succesvolle onderhandelingen.

1. Uitgangspunten bij het onderhandelen

  • Noem de bijeenkomst een onderhandeling, in plaats van een debat
  • Het doel is niet winnen, maar ervoor zorgen dat niemand verliest
  • Niets is overeengekomen, totdat alles is overeengekomen
  • Consensus is de norm, concessies zijn de uitzondering
  • Alles is vertrouwelijk totdat de onderhandeling is ondertekend

2. Zorg voor de juiste omstandigheden

  • Wijs een neutrale gespreksleider aan
  • De onderhandelaars komen fysiek in een ruimte samen
  • De bijeenkomst vindt plaats in een neutrale en besloten omgeving
  • Neem voldoende tijd voor het opbouwen van vertrouwen
  • Iedereen krijgt evenveel spreektijd

3. Spelregels

  • Onderhandel louter per onderwerp met duidelijke kaders
  • Onderhandel met maximaal vier verschillende deelnemers en posities
  • Deelnemers die belangen van de ander boven tafel halen krijgen extra spreektijd
  • Deelnemers die met argumenten gaan debatteren krijgen een korte time-out
  • De onderhandeling eindigt pas als iedereen zich mede-eigenaar voelt van het resultaat.

4. Uitkomst

  • Alle deelnemers ondertekenen het resultaat van de onderhandeling als overeenkomst
  • De achterban van elke onderhandelaar moet akkoord zijn (tip: bevorder het vertrouwen van de achterban door tussentijds vertrouwelijke tussenstanden te geven)
  • De onderhandeling kan na afloop gereconstrueerd worden

Geen werkomgeving zo onveilig als de politiek

Betoogde Geert Dales op 28 januari 2021. Daar schreef ik een reactie onder.

Het belang van de partij voor de politieke marketing is de oorzaak van al het kwaad. Gek genoeg was de partij in een verzuilde samenleving intern vrijer omdat zowel de politici als de burgers erin gevangen zaten. Er zijn nu 89 partijen die meedoen en helaas zijn die praktisch allemaal kansloos (hoewel, Volt?) omdat de partijen die al bekend zijn en een eenheid naar buiten toe communiceren de kiezers trekken. De nieuwkomers krijgen geen aandacht.Om te beginnen moeten de bestuurderspartijen uit de coalitie de fractiediscipline los laten, dat geeft lucht. Niet alleen in het parlement maar ook in de eigen partij. Dan is er weer discussie en meningsverschil nodig, dat is de zuurstof voor een gezonde cultuur in een organisatie. Nu heeft een partijcongres een ventielfunctie waar leden oppositie kunnen voeren tegen het partijbestuur en de partijtop kan winkelen in alle uitingen daar. Partijleden komen en gaan, behalve bij Forum. Daar is het een feestje want de leden kunnen zich herkennen in de partijtop. Zo niet, dan vertrek je. Helaas hebben ze daar ook geen model gevonden voor interne discussie en overwint de (extreme) fractiediscipline ook daar: de leider IS de partij. Daarom zijn de reguliere partijen nu aan zet om een beetje zuurstof toe te laten in hun eigen partijen. Het is eng en de parlementaire journalisten zullen erbovenop springen, maar als de partij toch de teugels laat vieren dan zullen de kiezers het waarderen. Zie het aanzien van Omtzigt en Leijten.

Die verscheen ook in de krant zelf. Tweede brief in de brievenrubriek van 1 februari.

Niet Big Tech maar Trump treft blaam

Reactie op de nieuwe mediachef van NRC, het doorgehaalde kwam niet in de krant:

Vrije meningsuiting

Witte Huis kan meer

Volgens Karel Smouter is het “de realiteit nu dat vijf ongekozen mannen zomaar het Witte Huis kunnen inlopen om de stekker uit de President zijn communicatiekanalen te trekken.” Hij bedoelt daar de bazen van de grote technologiebedrijven mee.  Dat klinkt vreselijk, maar het laat juist zien dat deze president die technologie nodig had en gebruikte om te communiceren. Dat is wèl vreselijk. Het Witte Huis kan door deze bedrijven niet het zwijgen opgelegd worden. Als er nieuwswaardige persconferenties worden gegeven dan zullen journalisten daar gewoon over berichten. Ook kan het Witte Huis berichten op Whitehouse.gov plaatsen. Desnoods wordt die website aan de wereld geserveerd met eigen apparatuur vanuit het Witte Huis.  

Daarnaast is wetgeving een bijzonder krachtig communicatiemiddel. Met hulp van de volledige ambtenarij bereikt die uiteindelijk elke burger.  

Macron’s burgerraad is geen exportproduct

Op G1000.nu las ik “Groot nieuws, eerste burgerraad over klimaat in Europa is een feit” en daaronder reageerde ik met dat dit niet zo makkelijk te exporteren is naar elders in Europa.

In een presidentieel systeem met een heel zwak parlement, zoals in Frankrijk, is het makkelijk om een sterk mandaat te geven aan een burgerraad.

In een sterk parlementair systeem, ook nog eens maximaal respresentatief zonder irritante discricten, heb je een conflict tussen het mandaat van de burgerraad en die van het gekozen parlement. Kiezers geven dan in Nederland het parlement een mandaat dat het dan weer uit handen geeft aan een gelote burgerraad. Daarmee geeft het gelijk een eigen brevet van onvermogen af. Dat is heel raar.

Dat een president het doet om verbinding te zoeken met de bevolking is heel verstandig. Er is immers geen deugdelijk parlement. En het parlement representatiever maken is veel moeilijker.

Daarom is het schijnbare succes van deze burgerraad niet zo eenvoudig te vertalen naar elders. Het is ook nog even afwachten of het behalve een communicatief succes ook inhoudelijk een succes wordt. Macron kan de voorstellen ook kapot laten varen op de weerbarstige werkelijkheid door bij de minste of geringste obstakels er niet vierkant achter te gaan staan. Geen parlement dat het hem moeilijk zal maken…

Conference on the Future of Europe and the European Citizens Initiative

The new European parliament and Commission established a conference on the future of Europe. This is not going to be a single event, but a process that will last until mid 2022 and is all about the future of European democracy (the European Union, not the one in member states).

In true European tradition it will be a long and slow process, with many stakeholders and voices to take into account. Moonshots and big ambitions will probably fail, but a realistic and tactical move would be to make the European Citizens Initiative a tool for the parliament to overrule the Council.

Few readers now remain after the previous sentence. If you are still reading you probably already understand the huge potential. Currently, that Europe-wide petition that collected a million signatures in 7 member-states or more goes to the Commission and stops there. If the Commission would like to carry the initiative further, for example because it is a good proposal, then it probably is also political. Then there are the 27 member states that gang up to block it.

Not very democratic, is it? This is not going to change soon or easily because the member states do not want to give up their powers to Brussels, the Commission. That would also be problematic democratically because the mandate of the Commission is not very democratic. The parliament can’t send the Commission home either. Also, the Commission is there to execute with a very narrow mandate.

The Council is a meeting of the leaders of the member states and they will not easily give up their power. Unless…

Unless it is a very limited power they give up, if many conditions apply. I propose:

  • A European petition with a million signatures (European Citizens Initiative
  • Which fulfills the current criteria
  • And is supported by a majority vote by the European Parliament
  • Results in a legislative act from the European Commission
  • And can not be overruled easily by any European body, except the Court of Justice of the European Union.

This will fundamentally change the dynamic around this instrument. Currently few members of the European Parliament are motivated to make the instrument into something big. Once they can have a vote about it and have their way, they will have more power than they have now. It will not become a tool of direct democracy (which parliamentarians usually object to) but will complement the parliamentary, representative democracy. Crazy stuff by a group of 1 million crazy or bribed citizens will still be blocked by the parliament. But good stuff will shine on them too. They will probably start campaigning to mobilise the European demos for it!

Good for the emergence of a European demos too. Citizens can actually do something and make a difference in European democracy.

Let me know if you want to support this and which organisations you could make enthousiastic. During the conference I would like to contribute it.

I already proposed it during ECI Day on February 25. There is probably even a video of me standing up in the crowd. Based on a discussion that morning I got this idea.

25/02/2020: ECI Day
European Economic and Social Committee Rue Belliard/Belliardstraat 99