Reactie op de ‘balanced approach’ van de EU over luchtvaart

In het kort: die is niet gebalanceerd

De EU nodigt je uit om te reageren op een beleidsinstrument ‘balanced approach’. Je kan je makkelijk identificeren met DigiD. Dit is een beleidskader waarbinnen ‘geluidsproblemen’ door de luchtvaart door lidstaten gemanaged kunnen worden. Want deze industrie moet wel winstgevendheid blijven is het impliciete uitgangspunt. Werkt dit wel goed? Mijn reactie:

Nee. Deze ‘balanced approach’ maatregel is per definitie niet ‘gebalanceerd’. Want als er geluidsoverlast is dan is dat objectief meetbaar en de ondernemers kunnen dat zelf (laten) vast stellen en er als veroorzaker zelf op anticiperen. Niet pas nadat ze in conflict zijn gekomen met de omgeving.

Het is aan ondernemers om zich creatief aan te passen aan de omgeving. De omgeving is voorspelbaar en betrouwbaar, die houdt zich aan natuurwetten en de wetten ter bescherming van inwoners.

Ondernemers zouden niet verrast moeten zijn door disciplinerende maatregelen omdat die te lezen zijn in democratisch vastgestelde wetten en regels. Die liggen vast en zijn gebaseerd op wat de natuur en mensen kunnen verdragen. Natuurwetten veranderen niet, wetenschappelijke inzichten over hoe die precies werken (bijvoorbeeld gevolgen voor gezondheid) vorderen langzaam maar gestaag en krijgen traag bijstellingen in wetgeving. Dit is voor de industrie om kennis van te nemen en zich op aan te passen. Het is niet een kwestie van ‘management’: the process of managing resources.

Mensen en natuur zijn geen hulpbronnen, ze zijn het wettelijke kader voor de industrie. Mensen en natuur moeten daarop kunnen vertrouwen. Die wetten moeten niet onderhandelbaar worden op ‘economische gronden’.

In de economie wordt er creatief omgesprongen met schaarse bronnen. Als er schaarste is aan iets zoals ruimte voor de luchtvaart dan moet de prijs ervan omhoog gaan in een normale economische situatie.

Het is een fundamentele en onrechtvaardige systeemfout dat de industrie de kans wordt gegeven om haar resources in te zetten op het onderhandelen over de kaders waarin ze mag opereren. Deze juridische mogelijkheid verlaagt zo de prijs van de schaarste. Het is voor de industrie nu economisch aantrekkelijk om te investeren in juridische procedures binnen deze ‘balanced approach’. Het is nu mogelijk om te ‘onderhandelen’ over de gegeven schaarste die normaal gesproken muurvast en ononderhandelbaar moeten zijn.

Met andere woorden, deze ‘balanced approach’ is de vruchtbare grond voor een verdienmodel. Hierin kan de industrie investeren en het kan hoge rendementen opleveren. Er is een ‘business case’ gemaakt voor de industrie die zonder deze mogelijkheid niet bestond.

Aan de andere kant staan burgers die onmogelijk in staat zijn om hierin te investeren. Zij rekenen op wettelijke bescherming die hierdoor wegvalt en onderhandelbaar is geworden. Maar burgers en natuur hebben geen ‘verdienmodel’. Zij leven hun leven en rekenen ondertussen op bescherming door de overheid, die is daarvoor. Veel burgers zijn niet in staat om net zo te investeren als de industrie, laat staan in dezelfde mate. Zij kunnen er geen kapitaal voor aantrekken op de beurs, hoogstens een kleine crowdfunding om een jurist ter verdediging te betalen. De natuur zelf heeft zelfs geen stem of juridische vertegenwoordigers, die heeft alleen de wetten en regels van de wetgever. Maar die zijn ‘onderhandelbaar’ geworden door deze ‘balanced approach’. De natuur heeft alleen burgers die als natuurbeschermer organisaties financieren die de natuur vertegenwoordigen. Dit is geen verdienmodel waarmee op de beurs aandeelhouders kan worden verleid zoals met de slogan ‘de vraag naar luchtvaart groeit en zal blijven groeien’ wel. In een prospectus verleidt dat investeerders. Zelfs pensioenfondsen zullen daarin willen investeren.

Kortom, het conceptuele theoretische kader van deze regeling is fundamenteel verkeerd en in tegenspraak met de fundamenten van de rechtsstaat. Het is per definitie een schending van de rechten van mens en natuur de wetten onderhandelbaar te maken en een ‘business opportunity’. Deze onrechtvaardigheid moet afgeschaft worden om die reden.

KLM Watch

In het FD staat een analyse met zorgen over KLM. Ondanks dat veel KLM-vliegtuigen vol zitten en de vliegtickets duurder zijn dan vroeger heeft KLM het financieel moeilijk. Ook komt er een interessant weetje naar buiten. Het moederbedrijf in Parijs verwacht vanaf 2026 een verhouding tussen winst en omzet van 8%. Terwijl het over dit jaar waarschijnlijk de 3% net niet haalt. 

Die flinterdunne marge is ook niet aan de Staat te verkopen bij een volgende bedelronde lijkt me. Want het meeste onheil komt van buiten en treft de concurrentie dus ook. Het FD noemt personeelstekorten, duurdere materialen, vertraagde levering van vliegtuigonderdelen en omvliegen wegens oorlog. Maar die concurrentie komt niet bedelen bij de belastingbetaler om steun. 

Het belangrijkste smoesje om te bedelen zal dus waarschijnlijk worden dat KLM de vloot moet verjongen. Die sprookjesvliegtuigen die stiller en schoner zijn moet KLM kopen beweert ze al lange tijd. Als de Staat nou garant staat dan lukt de financiering daarvan wel. Die nieuwe kisten zijn nodig als technologische fix om de overlast voor de omwonenden te verminderen en krimp op Schiphol mogelijk te maken zal ze deze coalitie wijsmaken. Er kunnen meer passagiers mee per vliegtuig immers. 

Voor activisten is het dus de opdracht om politiek en burgerij uit de droom te helpen. Stillere vliegtuigen maken het verschil niet en meer passagiers vervoeren per vliegtuig zal echt geen krimp opleveren. Laat staan dat het duurzamer wordt. Het rendement per passagier stijgt dan wel iets, maar het vermindert de vervuiling niet want KLM moet groeien om te overleven. 

Maar er is een oplossing! Help KLM niet maar stop KLM. U gelooft toch graag in de kracht van de vrije markt? Het hoofdkantoor in Parijs zal wel maatregelen nemen en KLM uitkleden. Met een faillissement zijn die dure KLM-piloten als kostenpost kwijt te raken. Transavia neemt met goedkopere piloten in de huidige slots van KLM de lucratiefste bestemmingen als lijnvluchten over van KLM en Air France. Ten koste van het naar Schiphol harken van overstappers. Minder kosten, minder vluchten, minder gezeur over Schiphol maar meer rendement. 

Het merk KLM zal waarschijnlijk wel bij de curator opgekocht worden door AFKLM. Om later weer eens op de Transavia-vluchten buiten Europa te plakken als uit marktonderzoek blijkt dat dergelijke nostalgie duurdere tickets kan rechtvaardigen. Hoewel ik het betwijfel of genoeg consumenten voor dezelfde vlucht met een ander logo meer geld over hebben. 

Lees ook Ties Joosten over de slechte financiële situatie van KLM. In zijn boek De Blauwe Fabel schrijft hij ook dat KLM vaak in de problemen komt en dan uiteindelijk altijd komt bedelen bij de Nederlandse Staat.

In FD van 29 november is de KLM-baas aan het klagen dat de havengelden van Schiphol met wel 80% stijgen. “Dat is ongekend in de wereld.” Dat lijkt heel apart, maar dat komt natuurlijk omdat KLM jarenlang Schiphol het mes op de keel zette om de tarieven niet te verhogen. Ten koste van onderhoud en lange termijninvesteringen. Vroeg of laat komt dat terug en moet de rekening alsnog betaald worden. En dan klagen over die grote stijging plots.

KLM zet de publieke opinie op het verkeerde been

KLM probeert Nederlanders vrees voor hun (goedkope) vliegvakantie in te praten als Schiphol zou moeten krimpen.

Maar eigenlijk zouden juist de Nederlanders die goedkope vliegvakanties willen aan moeten sturen op het verdwijnen van KLM.

KLM heeft als verdienmodel om passagiers vanuit heel Europa met goedkope vluchten naar Schiphol te harken om ze daar over te laten stappen op duurdere vluchten naar ver weg en andersom; vluchten vanuit ver weg komen naar Schiphol en worden naar de eindbestemming gebracht met een goedkope vervolgvlucht.

Er zijn niet genoeg omwonenden van het vliegveld om die verre vluchten vol te krijgen. Die omwonenden, de Nederlanders, profiteren niet van de goedkope vluchten waarmee passagiers naar Nederland worden geharkt. Die zijn hier juist weer duurder dan die van prijsvechters. Onder andere omdat men hier wel voor een tickettaks betaalt die lager had kunnen zijn als die overstappers ook een tickettaks zouden moeten betalen.

Het is zelfs zo gek dat Nederlanders met de auto naar Duitsland rijden om daar een KLM-vlucht te pakken die weer terugvliegt naar Schiphol met een overstap naar ver weg. Dat kan uit!

KLM Netwerk is betekenisloos voor de Nederlandse vakantievlieger

Nederlanders die vliegvakanties houden maken per definitie geen gebruik van dat grote netwerk van exotische bestemmingen waar KLM op vliegt. Een hele kleine ‘elite’ doet dat wel, maar die vormen de publieke opinie niet. De meeste Nederlanders die vliegen doen dat op populaire bestemmingen.

En laten dat nou ook juist de bestemmingen zijn waar prijsvechters graag op vliegen. Want een vliegtuig naar een populaire bestemming krijg je gegarandeerd vol. Die ‘vliegende Nederlander’ maalt ook niet om de goede arbeidsvoorwaarden voor piloten of extra dienstverlening. De prijs is doorslaggevend. Juist die prijs weten prijsvechters omlaag te krijgen door radicaal te snoeien in extra kosten en zoveel mogelijk dienstverlening apart in rekening te brengen. Om te besparen op bagagekosten gaan prijsbewuste reizigers gerust met drie lagen kleding in het vliegtuig van de prijsvechter zitten.

Zonder KLM zullen er prijsvechters in de ontstane ruimte duiken. Er ontstaat (meer) concurrentie op prijs op de populaire bestemmingen omdat KLM daar dan niet meer op vliegt.

Daar is ook ‘ruimte’ voor als KLM met de bijbehorende ‘hubstrategie’ verdwijnt. Nu landen er op Schiphol vliegtuigen met voornamelijk buitenlandse passagiers die alleen overstappen op een andere vlucht die hier weer opstijgt naar een verre bestemming. Vervallen die twee vluchten (de hark- en verwegvlucht) dan zal een prijsvechter die een vrijgekomen slot in handen krijgt ervoor kiezen om (goedkoop) op een populaire bestemming te vliegen. De kostbare bagage-afhandelingssystemen voor de koffers van overstappers worden via de havengelden door alle passagiers betaald terwijl de Nederlandse reiziger er geen gebruik van maakt.

Veel voordelen van krimp door verdwijnen KLM

Maar de Nederlandse markt voor vluchten is beperkt, in tegenstelling tot de internationale markt die KLM nu probeert de bedienen. Tot wel 70% van de KLM-passagiers zijn overstappers. Er zijn maar 18 miljoen Nederlanders en die moeten ook nog vakantiedagen hebben om zo’n vlucht te nemen. Dat is niet eindeloos. Ook zijn prijsvechters nu al beperkt door de havengelden (die stijgen) en tickettaks. Dergelijke maatregelen nemen eerder toe dan af. Geld kan je ook maar een keer uitgeven en de stijgende vaste lasten moeten ook betaald worden. Dus Schiphol hoeft niet eindeloos te groeien om KLM overeind te houden. Een beetje schaarste zal zelfs goed zijn voor de prijsvechters, anders gaat de prijs door de bodem.

Ondanks krimp is voor een Nederlander de kans dus groter een goedkope vlucht naar een populaire bestemming te scoren nà een faillissement van KLM dan zolang KLM in stand wordt gehouden.

Daarnaast heeft het verdwijnen van KLM ook nog veel meer voordelen voor die opportunistische vliegende Nederlander. Krimp van Schiphol is dan pijnloos mogelijk. Het wordt een vliegveld met alleen de populairste bestemmingen. Dan is het wel mogelijk om een landingsbaan te schrappen zodat woningbouw mogelijk wordt. Het vliegveld kan ’s nachts dicht zodat omwonenden weer kunnen slapen en hun gezondheid verbetert. De KLM-medewerkers komen terecht op de krappe arbeidsmarkt en kunnen in schonere sectoren werken zodat die kunnen groeien. Of KLM-piloten emigreren en gaan vanuit oliestaten werken die toeristische bestemmingen willen maken van hun zandbak. Dat zal geen relevante daling voor inkomsten bij de Belastingdienst veroorzaken.

Alleen voordelen voor vliegende elite en Shell

Het is een vliegende ‘elite’ die baat heeft bij het in stand houden van de KLM. Wat levert het ze op? Rechtstreekse verbindingen met exotische bestemmingen en een grote nationale luchtvaartmaatschappij. Er is een kleine groep die het leeuwendeel van alle kerosinekilometers maakt. Dat zullen ze ook zonder KLM wel blijven doen, alleen dan moeten ze vaker overstappen.

En ja, de voorheen Koninklijke Shell heeft baat bij de KLM. Ze pompen via het goedkope leidingennetwerk van de Nederlandse Defensie heel veel kerosine naar ’tankstation Schiphol’. Ongeveer net zoveel kerosine als er benzine wordt verkocht in het land. Met een belangrijk verschil. Er zit geen cent accijns, heffing of belasting op.

Aandeelhouders hebben ook geen baat bij KLM. Behalve de staat zijn er namelijk ook nog gewone aandeelhouders. Ze hebben al 20 jaar geen dividend uitgekeerd gekregen op hun aandelen.